mrt20

De epiloog van Frans Hopman

De epiloog van Frans Hopman

Ik heb een mooi leven. Vaak. Meestal. Maar soms even niet. Vrijdag werd ik overvallen door het bericht dat mijn collega Frans Hopman zou zijn verdronken bij een noodlottig ongeval. Ongeloof overheerste en ik was compleet ondersteboven. Als een automatisme - journalistenbloed kruipt waar het niet gaan kan - wilde ik dit afschuwelijke bericht zo snel mogelijk verifiëren. Tot mijn ontzetting bleek het waar.

Wat volgde was een vreemd weekend, waarin ik heen en weer werd geslingerd door verdriet en het alledaagse leven dat aan mij trok. Zondag won het verdriet en vond ik de rust om eens een flink potje te janken. Daarna kwam de onweerstaanbare drang om mijn gevoelens aan het papier toe te vertrouwen. En dus kroop ik achter de laptop en kwamen de herinneringen als vanzelf.

Ik ken Frans al sinds ik op Texel kwam wonen, nu ruim 25 jaar geleden. Zeer regelmatig kwamen we elkaar beroepsmatig tegen. Hij toen nog als (hoofd)redacteur van de Texelse Courant, ik als redacteur van Kabelkrant Texel. De media waarvoor we werkten waren concurrerend, maar onze verstandhouding was collegiaal en zelfs meer dan dat: vriendschappelijk. Heel regelmatig troffen we elkaar bij uiteenlopende persmomenten en menig raadsvergadering kwamen wij door dankzij de gezelligheid aan de perstafel, waar ook college Marten Visser (Helderse Courant) aanschoof. Niet zelden eindigden die vergaderingen in de Twaalf Balcken, waar wij in een informele setting en met een hoop bier uiteindelijk de meest interessante nieuwtjes scoorden. Dat waren mooie jaren waarin we allebei lange werkdagen maakten en om de primeurs streden. Maar onze goede verstandhouding kwam nooit in het geding. Jaren nadat wij allebei de journalistiek hadden verlaten en we ons afzonderlijk van elkaar hadden gevestigd als zelfstandig tekstschrijver kruisten onze paden weer. Frans werkte al geruime tijd op het kantoor bij Gertha en Carst in Oudeschild en ik was mijn keukentafelkantoor na zeven jaar beu en wilde wel weer een echte werkplek buitenshuis. Aanvankelijk stond Frans wat sceptisch tegenover mijn komst naar DOK7EVEN, maar als snel veranderende dat. Ik was niet de concurrent waar hij misschien voor vreesde, maar de collega met wie hij samen projecten oppakte, mee kon sparren en herinneringen uit het mediatijdperk kon ophalen.  Zijn ziekte was voor hem lastig en beperkte hem in zijn doen en laten. Af en toe was het moeilijk en zag Frans er tegenop om op pad te gaan. 'Zo kan ik toch niet bij mensen aankomen', zei hij mij eens, wijzend op de rollator. 'Onzin', zei ik hem. 'Het gaat er niet om hoe je loopt maar hoe je schrijft en dat kun je hartstikke goed!' Ook bespraken we andere manieren om te kunnen werken, zoals mensen bij ons op kantoor uitnodigen voor een gesprek of telefonisch interviewen. Als old school-journalist hield Frans er niet zo van om telefonisch te interviewen. En ik snap dat. Juist de non-verbale communicatie is veelzeggend en helpt mee om de tekst goed op papier te krijgen. Maar nood breekt wetten. Gelukkig bleef zijn drang om op pad te gaan groter dan de gêne om de rollator. Frans was een mensenmens. Oprecht geïnteresseerd in alles en iedereen om hem heen. Hij genoot van die persoonlijke interviews en als je hem op straat tegenkwam had hij altijd wel een praatje.  Frans was ook gek op sport. Hij volgde alles. Niet alleen op Texel maar op alle niveaus. Fietsen was zijn grote passie. Zelf was hij als wielrenner geen klasbak - om in het wielerjargon te blijven - maar fanatiek was hij wel. Ook toen zijn benen niet meer zo wilden, stapte hij nog met enige regelmaat als stoker op de speciale tandem die hij had aangeschaft.  Het nieuws was en bleef zijn grote passie. Daarin is niet zoveel veranderd in de 25 jaar dat we elkaar kenden. Wat ook niet is veranderd in al die tijd was zijn bereidheid om te helpen. Op Frans deed je nooit vergeefs een beroep. Frans deed het allemaal wel. En niet een beetje, maar goed. Want hij hield niet van half werk. Dat hij zich daarvoor soms wel in bochten moest wringen, zag de buitenwereld niet.  Samen hebben we het boekje 'Verhalen over de Texelse vuurtoren' geschreven. Een langgekoesterde wens van Frans ging daarmee in vervulling. Met een enorme drive ging hij aan de slag en vooral dankzij zijn inspanningen was het resultaat fantastisch. Trots dat we waren!  Op onze werkplek DOK7EVEN hadden we het met elkaar gezellig. Gertha en Carst die al enkele jaren met Frans op kantoor zaten, Rachel en ik die er later bijkwamen na de uitbreiding met het aangrenzende pand en Vivianne die in 2015 een werkplek kwam huren en op dezelfde golflengte bleek te zitten als wij en helemaal in onze Working Apart Together-team paste. Snelle grappen, serieuze gesprekken en roddel en achterklap; we deelden van alles met elkaar. En vaak ebde een en ander bij Frans nog even na en kwam hij via de mail of met een krantenknipsel nog wel eens terug op zaken.  Vorige week nog hadden we met z'n allen dikke lol in de groepsapp. Toen wij hem feliciteerden met zijn 54e verjaardag. En nu... Tja, nu moeten wij verder zonder Frans. Verdrietig en nog steeds vol ongeloof dat het echt zo is. Lieve Frans, je epiloog is dramatisch geëindigd maar in onze gedachten koers je verder. Bedankt voor alle mooie herinneringen. Ik ga je ontzettend missen.